Zoeken in deze blog

woensdag 27 november 2019

Dagboek van een vijftiger

Dit is misschien niet het allerbeste, en zeker niet het bekendste verhaal van Henry James. Toch kreeg ik deze zomer zin om juist dit verhaal eens in het Nederlands te vertalen – misschien omdat ik zelf inmiddels de vijftig heb bereikt. Bij mijn weten is dat nog nooit eerder gedaan. (Dit verhaal in het Nederlands vertalen, bedoel ik.)

De vertaling zet ik hier als e-boek online. Onderaan dit bericht staan de downloadlinks.


‘The Diary of a Man of Fifty’ verscheen in 1879, het jaar nadat James zijn eerste grote verkoopsucces had geboekt met Daisy Miller. Met die succesvolle novelle lijkt dit verhaal op het eerste gezicht wellicht weinig gemeen te hebben, maar bij nadere beschouwing zijn de thematische overeenkomsten groot: ook hier weer een terughoudende mannelijke hoofdpersoon die ondanks al zijn reserves gefascineerd wordt door een vrouw. Hij kan niet goed hoogte van haar krijgen en twijfelt of hij haar het hof moet maken of beter de benen kan nemen. Alleen is in dit verhaal alles verdubbeld: twee mannen, twee vrouwen – en dus een dubbele tweestrijd.

Herinneringen en vooruitwijzingen

Mede door de dagboekvorm (tamelijk zeldzaam binnen James’ oeuvre) staat in dit verhaal niet – zoals in Daisy Miller – het portret van de vrouw in kwestie centraal, maar de innerlijke tweestrijd van de mannelijke hoofdpersoon. In dat opzicht is dit vroege werk dan weer sterk verwant aan een van de laatste novellen die James schreef, The Beast in the Jungle, dat eveneens dezelfde basisingrediënten kent. Met name de slotscène daarvan doet ook aan Daisy Miller denken: een oude man staat bij het graf van een overleden vriendin en vraagt zich af of hij met haar had moeten trouwen. Maar in plaats van de dagboekvorm die dit vroege verhaal wat vlak en statisch maakt, hanteert James in dat latere meesterwerk de subtiele, alle nuances van een aarzelend bewustzijn nabootsende stijl die kenmerkend is voor het protomodernistische werk van zijn late periode – met name het drietal grote romans (The Ambassadors, The Wings of the Dove en The Golden Bowl) dat de sluitsteen van zijn oeuvre vormt.

Gelukkig is dit ‘Dagboek van een vijftiger’ niet alleen interessant als een vroege en eenvoudige variatie op hetzelfde thema. Het is misschien minder subtiel dan Het beest in het oerwoud, maar daarmee ook minder weerbarstig – het heeft dezelfde frisse toegankelijkheid als Daisy Miller en moet eerder als een komische dan als een tragische schets worden gelezen. Ik weet niet of James bekend was met het werk van Karl Marx, maar je zou dit verhaal de literaire uitwerking kunnen noemen van diens vaak geciteerde aforisme dat de geschiedenis zich weliswaar steeds herhaalt, maar eerst als tragedie en daarna als klucht.

Download

Dagboek van een vijftiger, het eerste van een kleine reeks vertaalde verhalen en novellen van Henry James die ik online beschikbaar wil maken, is hier gratis te downloaden als epub, Kindle-bestand (mobi) of Word-bestand.

Wie wil bijdragen aan de vertaalkosten, kan het e-boek ook kopen via Kobo of Bol.com. [De Kobo-en Bol.com-links werken niet meer, omdat ze bij Kobo zonder kennis van zaken zitten te kutten over auteursrechten en het boek offline hebben gehaald. Wijziging 29-12-19.]

Bron voor deze vertaling was de tekst van de eerste boekuitgave, in The Madonna of the Future and other tales (1879), op internet o.a. te raadplegen via Wikisource.

De omslagillustratie is een uitsnede uit een aquareltekening door James Duffield Harding (1797-1863) van de Ponte Santa Trinita in Florence, online te vinden op de site van het Metropolitan Museum in New York.

zondag 24 november 2019

Bedsermoen

Gisteren zocht ik op internet naar radio-opnamen van de monoloog van Molly Bloom uit Ulysses in een uitvoering door Anne Wil Blankers. Ze moet daarbij de vertaling van John Vandenbergh hebben gebruikt, en vandaag is op VertaalVerhaal diens dankrede voor de Nijhoffprijs geplaatst. Een geluidsfragment uit die monoloog zou misschien een leuk extraatje zijn, dacht ik. Alleen is er op internet niets van terug te vinden.

actrice Jennifer Steyn in een Zuid-Afrikaanse toneelopvoering van de monoloog

Ik was net lekker gemaakt door de podcast Hallo Hier Hilversum van Vincent Bijlo en Ger Jochems: in aflevering 49 laten zij een fragmentje uit die monoloog horen. (Vier minuten lang, ongeveer vanaf de 42ste minuut.)

De podcastmakers zeggen erbij dat de hele monoloog ‘ergens’ op internet te vinden is. Ze noemen geen specifieke website, waaruit ik opmaakte dat het een illegale download betreft. Niet zo netjes om in een uitzending van de NPO daarop te wijzen, want het hele drie uur durende hoorspel is nog steeds in de handel: het is te koop bij De hoorspelfabriek, en illegale downloads beroven die sympathieke organisatie van inkomsten.

Maar gelukkig valt het dus tegen. Het geluidsbestand lijkt ooit te zijn aangeboden op een blog, maar de links werken niet meer. Sterker nog: op heel YouTube kan ik niet eens een kort fragment van dit hoorspel vinden.

Dat is dan wel weer jammer: het korte fragmentje in Hallo Hier Hilversum intrigeerde mij genoeg om nog iets meer te willen horen.

Schunnig voor zijn tijd

Op de site van de Hoorspelfabriek wordt de monoloog aangeprezen als ‘voor zijn tijd ongekend openhartig en schunnig’. Voor welke tijd? De jaren twintig, toen Ulysses verscheen? (Waarschijnlijk wel.) Of toch ook voor 1970, toen het hoorspel werd uitgezonden?

Om je een beeld te vormen van die laatste periode, volstaat het misschien om een blik te werpen op een van de weinige andere treffers die het googelen naar ‘anne wil blankers molly bloom’ mij opleverde: een krantenpagina waarop dit hoorspel op 23 oktober werd aangekondigd in de Provinciale Zeeuwsche Courant.

PZC 23-10-1970

Mooi hoe daar expliciet wordt vermeld dat dit hoorspel pas ‘mogelijk is gemaakt’ door Vandenberghs vertaling van deze monumentale tekst.

Wat verder opvalt aan de tamelijk heterogene berichtgeving op die ene pagina: dat Nederlandse kardinalen toen nog een actieve stem hadden in de internationale politiek. (Wanneer is hier recent nog een kardinaal in het nieuws geweest, anders dan in verband met misbruikschandalen in de katholieke kerk?)

PZC 23-10-1970

Dat Brandpunt nog bestond. (Toen nog wel...)

PZC 23-10-1970

Dat Panda nog in de krant stond.

PZC 23-10-1970

Dat het nog lachen, gieren, brullen was op tv (in kleur!).

PZC 23-10-1970

Of gewoon heel spannend.

PZC 23-10-1970

Het betreft overigens de aflevering ‘The Rotters’, hier op DailyMotion te zien (in spiegelbeeld). Zonder Diana Rigg, helaas. En eigenlijk niet meer om aan te zien: een paar intrigerende maffe scènes, en verder vooral... Ont. Zet. Tend. Traag.

En misschien het meest onthullende berichtje van allemaal:

PZC 23-10-1970

Ik had het weleens eerder gehoord, maar het is toch weer confronterend om het zo te zien staan: pas in 1970 werden dus aanstalten gemaakt voor een wet die een eind maakte aan de praktijk om vrouwelijke leerkrachten automatisch te ontslaan zodra ze in het huwelijk traden! Waarbij blijkbaar nog wel een uitzondering moest worden gemaakt voor christelijke scholen, zodat die getrouwde vrouwen konden blijven ontslaan.

Ik geloof dat het uiteindelijk tot 1975 heeft geduurd voordat er daadwerkelijk een wet kwam; al gold die toen gelukkig wel voor de hele samenleving, en niet alleen voor het onderwijs. In dat licht bezien vermoed ik dat ook in 1970 een flink deel van de bevolking de monoloog van Molly Bloom nog steeds veel te schunnig vond.

En of ik nu zelf de opnamen bij de Hoorspelfabriek ga bestellen... dat weet ik nog niet. Je moet altijd goed nadenken over waar je je zelfverdiende geld aan wilt besteden.

Zoals ook blijkt uit een advertentie op – nog steeds – diezelfde krantenpagina. Een advertentie die de indruk wekt dat de middenstand in 1970 in sommige opzichten al een stuk verder was dan de christelijke politiek.

PZC 23-10-1970

‘Waarom afwachten tot ik ’m es cadeau krijg?’ Molly Bloom had het kunnen zeggen.

(Of denken, eigenlijk. Want dat wringt toch een beetje, in die radio-monoloog.)

zaterdag 23 november 2019

De oorsprong

Julius Corentin Acquefacques, prisonnier des rêves van Marc-Antoine Mathieu is een van de bijzonderste stripreeksen die ik ken. Ik heb er hier al eerder over gejubeld.

De strip bestaat al dertig jaar, maar tot enkele jaren geleden had ik er nog nooit van gehoord, misschien ook omdat hij nooit was vertaald. Daar is verandering in gekomen: eindelijk ligt er nu een uitstekende Nederlandse vertaling in de winkel van (zoals hij hier nu heet) Maurits Cornelius van Esk, Gevangen in dromen – deel 1: De oorsprong. 


Het is een strip met een literair-filosofische inslag. Kafka en Borges zijn hier nooit ver weg.


Tegelijkertijd zijn Mathieu’s verhalen en zijn tekenwerk sterk geworteld in de stripgeschiedenis: in de eerste pagina’s zijn al meteen grafische verwijzingen naar Kuifje en Little Nemo te herkennen.

Ik vond het een genot om dit eerste deel nu in het Nederlands te kunnen lezen en ik hoop maar dat uitgeverij Sherpa binnenkort ook met het vervolg komt (‘mocht het ooit verschijnen’, zoals het op de laatste bladzijde van dit deel nog heet).

Klik hier voor meer informatie en een voorproefje.

donderdag 21 november 2019

De lange weg


Dat tere kantelpunt waarop bij het doornemen van een lange tekst je diepgevoelde vreugde en voldoening over alles wat je al de hele dag trefzeker en grandioos zit te verbeteren en mooier te maken ineens kan omslaan in het kille inzicht dat je slechts zit recht te breien en te redden wat je in eerdere stadia van het proces totaal verkeerd hebt gedaan, volledig verprutst en laten zitten.

Populairst de afgelopen 30 dagen

Populairst aller tijden ooit: